Een vijand met een hart
Door Paul Vieveen

In het schemerige, vochtige Fort Asperen is het niet moeilijk voor te stellen hoe verveelde militairen de tijd hadden en namen om te fantaseren over de vijand. Soldaten lagen op Asperen namelijk wel lange tijd gelegerd, maar een vijand kwam nooit opdagen. Ruim twintig beeldende kunstenaars werden door curatoren Lucette ter Borg en Sacha Bronwasser uitgenodigd om hier in de militaire geest van vroeger te kruipen en zich voor te stellen wat het betekende om op Asperen te leven. 

De twintig presenteren hun werk op de tentoonstelling ‘Brief aan mijn vijand’, een onderdeel van de driedelige manifestatie ‘Gimme Shelter’ die op drie plekken in waterlinies te zien is. Waar precies houdt de vijand zich schuil? Bestaat er een vijand? En hoe wordt het beeld van een vijand eigenlijk gevormd?

Boven de poort van Fort Asperen hangt een kleurig beeld van de Nederlandse kunstenaar Esther Jiskoot: een lamlendige wachter, ingezakt door het wachten op een vijand die maar niet komt opdagen. Even verderop hangt de Argentijnse variant op pijltjes gooien naar het portret van de baas: The Happy Thatchercide van de Nederlandse kunstenaar Dick Verdult. Happy Thatchercide is een enorme, hangende installatie met het hoofd van de Iron Lady, gemaakt van – op het eerste gezicht – aangespoeld hout en zwerfvuil. Deze kop van Jut is bedoeld voor Argentijnse mariniers om zich op de gehate vijand af te reageren.

Vijandbeelden duiken op in deze tentoonstelling, maar grimmig wordt het zelden. De satellieten en spoetniks van de Franse autodidactische kunstenaar André Robillard – gefantaseerde wapens in de starwars tussen Rusland en de Verenigde Staten – draaien gemoedelijk knorrend rond. Buiten ligt een zuurstokroze interpretatie van een Joint Strike Fighter, een hedendaags voorbeeld van een militaire fictie, gemaakt door de Duitse kunstenaar Stefan Gross. Het vliegtuig ligt er kwetsbaar maar bijna ontspannen bij op zijn rug. En zelfs uit spookhuis From the Dark van de Nederlandse kunstenaar Ralf Westerhof, in het diepst van de kelders van het fort, gloort hoop: alle potentiële vijanden blijken in het bezit van een warm kloppend hart.


Stefan Gross, Pink JSF, foto © Anserum Art Photography

Bestaat ons vijanddenken dan voornamelijk uit hersenspinsels? Lijden mensen nog het meest aan het lijden dat men vreest? Nee, ook bij ‘Gimme Shelter’ sluipt de vijand naderbij. In de korte video Michaël van de Nederlandse kunstenaar Claudia Sola luisteren en kijken we naar het dramatische relaas van een Canadese drone-piloot. En in America Rewind monteert de Canadese kunstenaar Michael Blum achter filmbeelden van New Yorkse skyscrapers flarden van de Adress to the Nation, die George Bush op 9/11 hield. Kan een vijand zich duidelijker manifesteren dan met een vliegtuig in een torenflat?

Fictie of werkelijkheid. Vriend of vijand. Het is en blijft balanceren op een dun koord. De Duitse kunstenaar Nina Glockner verbeeldt deze gedachte het best met haar poëtische installatie The other side is more promising. Een ladder, een touw en een getekende deur bieden uitzicht op groen gras aan de andere kant van die muur. Maar leidt een ontsnapping wel naar bevrijding en niet tot nieuwe gevangenschap? Die dualiteit maakt van ‘Gimme Shelter’ een prikkelende exercitie.

Paul Vieveen (1960) is eindredacteur bij Oxfam Novib en heeft een grote betrokkenheid bij ontwikkelingssamenwerking, politiek, natuur en cultuur.